Inhoud van de economische en financiële informatie

De inhoud van de informatie die aan het comité moet worden gegeven is vastgelegd in de artikelen 65bis tot 65novies die door de wet van 23 april 2008 werden toegevoegd aan de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk.

Deze informatie bestaat uit een basisinformatie en een jaarlijkse informatie.

Basisinformatie

Binnen twee maanden na hun verkiezing of herverkiezing moet de werkgever een basisinformatie aan de leden van het Comité bezorgen. Deze basisinformatie omvat vier hoofdstukken:

  • het statuut van de onderneming (art. 65ter)
  • de concurrentiepositie (art. 65quater)
  • de productie en productiviteit (art. 65quinquies)
  • de toekomstverwachtingen (art. 65sexies).

Hoofdstuk 1: het statuut van de onderneming (art. 65 ter)

1°  de juridische vorm

2°  de statuten

Hier moet een kopie verstrekt worden van de statuten en latere wijzigingen, zoals ze in het Belgisch Staatsblad werden gepubliceerd.

3° de leiding van de onderneming met vermelding van:

  • leden van de raad van bestuur (voert het algemeen beleid van de onderneming)
  • samenstelling van het directiecomité (is belast met het dagelijks beleid van de onderneming).

4°  financieringsmiddelen en economische en financiële betrekkingen

  • het eigen vermogen (het maatschappelijk kapitaal en de reserves)
  • leningen op lange en middellange termijn met vermelding van: het bedrag van de lening, het ontlenend organisme, de duur, de toegepaste intresten, waarborgen, ...
  • economische en financiële relaties met andere ondernemingen en de aard van deze relaties: participaties die een duurzame band leggen tussen de ondernemingen en die de mogelijkheid scheppen om het economisch beleid van de onderneming te controleren.

5°  belangrijke overeenkomsten en akkoorden

Hier worden niet de contracten bedoeld met een beperkte draagwijdte die dagelijks worden afgesloten, maar wel  de  overeenkomsten  en  akkoorden die met andere ondernemingen banden van een zekere  duurzaamheid  tot stand brengen en die het beleid van de onderneming beïnvloeden.

Het is niet verplicht om de volledige tekst van deze akkoorden in de informatie op te nemen. Het volstaat om een overzicht te geven van de voornaamste bepalingen (partijen, duur, voorwerp, bijzondere bepalingen). Vooral de bepalingen die voor de onderneming bijzondere implicaties hebben worden toegelicht.

Hoofdstuk 2: de concurrentiepositie (art. 65 quater)

1° de voornaamste nationale en internationale concurrenten waarmee de onderneming rekening moet houden

2°  de concurrentiemogelijkheden en –moeilijkheden

Hier worden de sterke en zwakke punten van de onderneming toegelicht. Waarom doet onze onderneming het beter of minder goed dan de concurrenten? Op welke punten heeft de onderneming een voorsprong op de concurrenten? Waar is de onderneming benadeeld ten opzichte van de concurrentie?

3° de afzetgebieden

Wie zijn de afnemers van onze producten?

4° de aan- en verkoopcontracten en -akkoorden met fundamentele en duurzame gevolgen

Langdurige en belangrijke contracten afgesloten voor de levering van grondstoffen of voor de verkoop van de producten. Niet de volledige tekst moet aan het comité voorgelegd worden, maar enkel de belangrijke bepalingen ervan. Vooral de concrete gevolgen voor de onderneming worden hier toegelicht.

5°  de verschillende types van overeenkomsten afgesloten met de FOD Economie, zoals programma-, vooruitgangs- en herstructureringsovereenkomsten

6° wijze waarop de producten worden gecommercialiseerd

Hoe worden de producten op de markt gebracht, met beschrijving van:

  • distributiekanalen: op welke manier komen de producten bij de verbruiker?
  • verkooptechnieken: reclame, handelsbeurzen, klantenbezoek, enz.
  • beduidende gegevens betreffende de distributiemarges.

7° evolutie van de omzet over vijf jaar

De omzet gerealiseerd in de vijf laatste jaren, met aanduiding in procenten van het aandeel dat verwezenlijkt wordt op de binnenlandse markt, in de Europese Unie en in de andere landen.

8° niveau en evolutie van de kost- en verkoopprijzen

De evolutie van de kost- en verkoopprijzen moet in principe gegeven worden per eenheid.

Indien dit niet mogelijk is kunnen inlichtingen verstrekt worden per groep van producten of voor een aantal representatieve producten.

9° de marktpositie

Marktpositie van de onderneming en de evolutie ervan in het binnenland, de Europese Unie en de andere landen.

Hoofdstuk 3: de productie en productiviteit  (art. 65 quinquies)

Alle inlichtingen voorzien door dit artikel moeten over 5 jaar verstrekt worden.

1° evolutie van de productie

De evolutie van de productie moet uitgedrukt worden in:

  • fysische eenheden: de geproduceerde hoeveelheden in aantallen, volume of gewicht;
  • waarde;
  • toegevoegde waarde (dit is het verschil tussen de verkoopprijs en de prijs van de verbruikte grondstoffen; de toegevoegde waarde geeft aan welke de inbreng van de onderneming is in de economie).

2° aanwending economische productiecapaciteit

Hier wordt aangegeven (meestal uitgedrukt in procenten) in welke mate de nor- male capaciteit van de onderneming wordt benut.

3° evolutie van de productiviteit

In de wet wordt als berekeningswijze de toegevoegde waarde per arbeidsuur of de productie per werknemer voorgesteld. Iedere onderneming kan voor de be- rekening van de productiviteit de formule kiezen die het best aan de activiteit is aangepast.

Hoofdstuk 4: programma en toekomstverwachtingen  (art 65 sexies)

Bij de beschrijving van de toekomstverwachtingen moeten alle aspecten van de onderneming beschreven worden:

  • industrieel: de voorziene productie; voorziene wijzigingen in de productie,...
  • financieel: hoe evolueert de financiële toestand van de onderneming? Hoe zal een eventueel verlies weggewerkt worden? Met welke financiële middelen zullen de plannen uitgevoerd worden?
  • commercieel: is er een wijziging in de verkoopspolitiek?
  • sociaal: wat zijn de effecten op de tewerkstelling? Zijn er wijzigingen in het personeelsbeleid?
  • speurwerk: worden bijzondere inspanningen gedaan om nieuwe producten te ontwikkelen of bestaande producten te verbeteren?
  • investeringen: wordt de onderneming verder uitgebouwd? Welke zijn de voorgenomen investeringen? Hoe zullen deze investeringen gefinancierd worden

Jaarlijkse informatie

De jaarlijkse informatie omvat de volgende documenten:

  • de jaarrekening (balans, resultatenrekening, bijlage met sociale balans)
  • en het jaarverslag (verslag Raad van Bestuur aan de algemene vergadering).

Deze informatie moet besproken worden tijdens een vergadering van het comité die plaatsvindt binnen de 3 maanden na het afsluiten van het boekjaar of, voor vennootschappen, vóór de algemene vergadering tijdens welke de vennoten zich uitspreken over het beheer en de jaarrekening. Het verslag van deze vergadering wordt aan de vennoten medegedeeld ter gelegenheid van voornoemde algemene vergadering.

De documenten worden vijftien dagen vóór de vergadering aan de leden van het comité overgemaakt.

Regelgeving
  • Artikels 65bis tot 65novies van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk  (B.S. 18 september 1996)

De regelgeving is beschikbaar op de website van de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg in de rubriek Welzijn op het werk > Regelgeving.