Einde van het mandaat

Het mandaat van de personeelsafgevaardigde neemt een einde:

  • in geval van niet-herverkiezing als gewoon of plaatsvervangend lid zodra het Comité is aangesteld;
  • indien de betrokkene geen deel meer uitmaakt van het personeel;
  • in geval van ontslagneming;
  • indien de betrokkene geen lid meer is van de werknemersorganisatie die de kandidatuur heeft voorgedragen;
  • in geval van intrekking van het mandaat wegens ernstige tekortkoming, uitgesproken door het arbeidsgerecht, op verzoek van de werknemersorganisatie die de kandidatuur heeft voorgedragen;
  • indien de betrokkene niet meer behoort tot de categorie van werknemers waartoe hij behoorde op het ogenblik van de verkiezingen, tenzij de organisatie die de kandidatuur heeft voorgedragen het behoud van het mandaat vraagt bij aangetekend schrijven gericht aan de werkgever; deze bepaling is evenwel niet toepasselijk op het lid dat de jonge werknemers vertegenwoordigt;
  • zodra de betrokkene deel uitmaakt van het leidinggevend personeel;
  • in geval van overlijden.
Regelgeving
  • Artikel 61 van de Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk (B.S. 18 september 1996)

De regelgeving is beschikbaar op de website van de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg in de rubriek Welzijn op het werk > Regelgeving.